homecontactkennisbankinloggensitemapzoeken  
vorige pagina pagina afdrukken
nzv uitgevers

Uitgangspunten

...

Meer over de nieuwe vakdidactiek voor het godsdienstonderwijs in de basisschool

Vooraf

Wie de vakdidactiek Verwonderen & Ontdekken doorbladert, komt in de eerste plaats allerlei leerlingen in de basisschool tegen. En in tweede instantie (aankomende) leraren die zich op de een of andere manier inspannen om goed onderwijs te geven. Onder ‘goed onderwijs’ verstaan we alle vormen van onderwijs die in de meest brede zin bijdragen aan de ontwikkeling en de vorming van leerlingen. Om met Desiderius Erasmus te spreken: ‘De leerlingen leren niet voor de school, maar voor het leven’. Op die regel vormt het godsdienstonderwijs geen uitzondering. De mogelijkheid om in de wereld van godsdienst en geloven relevante levensbetekenissen te ontdekken, is een van de centrale godsdienstpedagogische doelstellingen van Verwonderen & Ontdekken. Maar het zal duidelijk zijn dat die intentie - zeker bij beginnende leerkrachten – om de ontwikkeling van de nodige competenties vraagt. Wat daarbij allemaal komt kijken, is in de vakdidactiek op een verhalende wijze beschreven. Niet als een abstracte theorie, maar als weg die je als leraar in de alledaagse onderwijspraktijk met de leerlingen van je eigen groep kunt gaan. Vanuit dat perspectief is in het handboek een scala aan aan herkenbare situaties beschreven, die voor onderwijsgevenden als blikopeners kunnen werken. Met die verhalen correspondeert ook een samenhangende kennisbasis waarin pedagogische, didactische en theologische zienswijzen en manieren van handelen aan de orde komen.

Kenmerkende uitgangspunten van de vakdidactiek V&O

Elke vakdidactiek voor het opleidingsonderwijs draagt een kenmerkend profiel. Ter oriëntatie geven we hieronder een zevental uitgangspunten die in onderlinge samenhang bepalend zijn voor de vakdidactiek Verwonderen & Ontdekken.

1) Persoonsvorming en identiteitsontwikkeling

Leraren die vanuit de lerarenopleiding goed voor hun pedagogisch-didactische taken zijn toegerust, kunnen aan de persoonsvorming en de identiteitsontwikkelingen van hun leerlingen een niet te onderschatten bijdrage leveren. Vooral wanneer zij gaan voor het inrichten van een gevarieerde en uitdagende leeromgeving met een hoogwaardige pedagogische kwaliteit. De gelijktijdige aandacht voor de ontwikkeling van de leerlingen en de vakspecifieke ontwikkeling van hun leraren is dan ook het eerste kenmerkende uitgangspunt van Verwonderen & Ontdekken.

2) Betrokkenheid en fascinatie

Een tweede kenmerkende uitgangspunt is de focus op het ontwerp van leeromgevingen die voor leerlingen ‘incentieven’ bevatten. Onder incentieven verstaan wij uiteenlopende inhoudelijke impulsen die bij de leerlingen een intrinsieke betrokkenheid en fascinatie oproepen. Bij incentieven kun je bijvoorbeeld denken aan aansprekende verhalen, beelden en probleemstellingen, die bij de leerlingen verwondering en nieuwsgierigheid oproepen en hen aanzetten tot het stellen van vragen. Wanneer de leerlingen zich gaan verwonderen en vragen gaan stellen over datgene wat binnen hun leeromgeving aan de orde is, kunnen zij daadwerkelijk komen tot de ontdekking van nieuwe zienswijzen en verrassende perspectieven op de werkelijkheid.

3) Ontwikkelingsgerichte optiek

De nadrukkelijke ontwikkelingsgerichte aandacht voor de eigen leeractiviteiten en de eigen leerprocessen van de leerlingen, is een derde kenmerk van de vakdidactische benadering van Verwonderen & Ontdekken. Deze benadering valt onder andere te herkennen aan aspecten zoals samenwerkend leren, onderzoekend leren (vgl.: ‘theologische gesprekken met kinderen’) en andere betekenisvolle leeractiviteiten, die verbonden zijn met vakspecifieke kennis en vaardigheden. Bij de diverse leeractiviteiten handelt de leerkracht vanuit drie complementaire beroepsrollen en verleent structuur en support aan het leerproces van de leerlingen (zie ook kenmerk 7).

4) Het principe van de wederkerige ontsluiting

Een vierde kenmerkende uitgangspunt van deze vakdidactiek is de domeinspecifieke oriëntatie op de wisselwerking tussen de actuele ervaringen van de leerlingen en elementaire ervaringen uit de godsdienstige traditie(s). De wisselwerking tussen ‘de wereld van toen’ en ‘de wereld van nu’, is gebaseerd op het dynamische principe van de ‘wederkerige ontsluiting’. De wederkerige ontsluiting tussen ‘het nu’ en ‘het toen’, en de daaruit voortkomende ontdekking van nieuwe perspectieven op de door de leerlingen ervaren werkelijkheid, kunnen hen helpen om motieven uit hun eigen leven en uit het leven van anderen beter te verstaan. Aan dit uitgangspunt gaat de vooronderstelling vooraf dat de leerlingen het recht hebben om enerzijds een oriëntatie te krijgen in hun eigen levensbeschouwelijke en godsdienstige traditie en anderzijds op een eerste ontmoeting met andere levensbeschouwelijke en godsdienstige tradities die binnen de eigen groep en, ruimer bekeken, binnen de Nederlandse samenleving van betekenis zijn.

5) Elementariseren als multiperspectivisch kompas

De toepassing van het model Elementariseren is een vijfde kenmerk van V&O. Dit model fungeert als een multiperspectivisch kompas met zes relevante invalshoeken voor de voorbereiding, de uitvoering en de evaluatie van onderwijsleerprocessen. Het is gebaseerd op het gedachtegoed van wetenschappers zoals Klafki, Nipkow, Schweitzer en Freudenberger-Lötz. In Verwonderen & Ontdekken zijn eerdere versies van het model Elementariseren verder uitgewerkt naar de onderwijspraktijk in de basisschool en de opleidingspraktijk in de lerarenopleiding. De kern van de Nederlandse variant op het Elementariseringmodel is gericht op het voeren van gesprekken met leerlingen. Bij deze gesprekken, die theologische gesprekken worden genoemd of kortweg worden aangeduid met ‘Theologiseren met kinderen’, gaat het erom dat leerlingen, mede dank zij de godsdienstpedagogische begeleiding van hun leerkrachten, tot de ontdekking komen van nieuwe inzichten en mogelijke antwoorden op hun eigen vragen.

6) Conceptuele samenhang

De drie basale conceptuele uitgangspunten van de Wederkerige ontsluiting , Elementariseren en Theologiseren met kinderen honoreren op een samenhangende wijze de godsdienstpedagogische interactie tussen de leerkracht en de leerlingen. Deze samenhang is als zodanig een zesde kenmerk van de vakdidactiek Verwonderen & Ontdekken.

7) De godsdienstpedagogische rol van de leerkracht

Over het zevende kenmerkende uitgangspunt kunnen we kort zijn. In de vakdidactiek Vewonderen & Ontdekken speelt de onderwijsgevende een cruciale godsdienstpedagogische rol. Daarbij komt zij / hij fundamentele vragen tegen als: ‘Waar haal je als (aankomende) leraar je inspiratie vandaan?’ En: ‘In welke mate voel jij jezelf als leraar aangesproken door het godsdienstpedagogisch appèl van jouw leerlingen?’Het herkennen van dit appèl veronderstelt allereerst de basale competentie om goed naar de eigen leerlingen te leren luisteren. Het integraal leren waarnemen, interpreteren en begeleiden van de leerlingen bij hun levensbeschouwelijke en godsdienstige ontwikkeling behoort tot de basale opleidingsdidactische intentie van de vakdidactiek Verwonderen & Ontdekken.

 

V&O-Website

Naast de kennisomgeving van het handboek biedt Verwonderen & Ontdekken een complementaire taak- en leeromgeving op de V&O-Website (www.verwonderenenontdekken.nl ). Deze site is toegankelijk voor pabostudenten, lerarenopleiders en andere geïnteresseerden. De website wordt vanaf september 2008 in samenwerking met collega-lerarenopleiders en (aankomende) leraren basisonderwijs fasegewijs ontwikkeld en zal met ingang van 1 januari 2009 volledig gebruiksklaar zijn.