homecontactkennisbankinloggensitemapzoeken  
ga naar de inhoudsopgave
vorige pagina pagina afdrukken
nzv uitgevers

5.1 Identificatie

...

Stel dat je het verhaal van Zacheüs in de basisschool zou vertellen, met wie dienen leerlingen zoals Moniek uit groep drie, en Frankie uit groep acht zich dan te vereenzelvigen? Zo op het eerste gezicht dienen zich twee mogelijkheden aan: 1) Rabbi Jezus van Nazareth, of 2) Oppertollenaar Zacheüs van Jericho.

  • In de basisschool komt de eerste optie vaak voor. De identificatie van de leerlingen met het optreden van Rabbi Jezus resulteert dan gewoonlijk aan het eind van de les in een gesprek over sociaal gewenst gedrag ten aanzien van ‘buitenbeentjes’. Tijdens het eerstvolgende speelkwartier leidt dat in het gunstigste geval misschien wel tot de ontferming over ‘een Zacheüsje’ op het schoolplein. Zoiets zou sociaal – emotioneel natuurlijk heel mooi zijn!
  • De tweede optie: de identificatie met Zacheüs is wat lastiger. Stel je voor dat de leerlingen zich laten inspireren door de oppertollenaar Zacheüs. Is het dan de bedoeling dat zij, net zoals Zacheüs, de helft van hun spaarpot aan de arme mensen geven? Over beide opties valt meer te zeggen.

In de eerste plaats is het de vraag of de focus van het verhaal over Zacheüs bij de acceptatie van buitenbeentjes ligt. Let wel, het is buitengewoon belangrijk dat mensenkinderen elkaar leren accepteren, en elkaar niet uitsluiten of op de een of andere manier pesten. Iedere mogelijkheid om het inclusief denken (in plaats van het exclusief denken) in de basisschool te bevorderen, dient vanzelfsprekend met beide handen te worden aangegrepen. Ook met behulp van de verhalen in de godsdienstles, dat wil zeggen: voor zover zij zich daartoe lenen. Dit voorbehoud maken we met enige nadruk, omdat elk Bijbelverhaal nu eenmaal in een eigen context staat en een eigen boodschap heeft. Wie daar geen oog en oor voor heeft, zal nooit de elementaire levensbetekenis van het betreffende verhaal ontdekken.

 

In de tweede plaats: de identificatie met Zacheüs is voor de leerlingen in de basisschool een interessante invalshoek. Al was het maar omdat zij dan de gelegenheid krijgen om iets van acceptatie van de kant van Jezus op te doen. Maar daar staat tegenover dat onschuldige leerlingen zoals Moniek en Frankie het gewoonweg niet verdienen om in de rol van de verachtelijke Zacheüs te worden geplaatst. Hij was in dienst van de gehate Romeinse onderdrukker en perste (ook in zijn eigen financiële belang!) zijn Joodse volksgenoten af. Dat Jezus zijn intrek nam bij een onreine landverrader zoals Zacheüs was voor de omstanders een onmogelijke mogelijkheid en volstrekt onbegrijpelijk. Met tollenaars, hoeren en andere zondaren zocht je geen contact. Laat staan dat je hun huis binnenging. Kortom, wanneer we ons verplaatsen in de context van toen, wordt duidelijk dat de enige resterende identificatiemogelijkheid die van de verbijsterde omstanders is.

 

 

Pagina 2 van 4

Lees verder >>>