homecontactkennisbankinloggensitemapzoeken  
vorige pagina pagina afdrukken
nzv uitgevers

Religious Education 2: Burgerschap

...

2.1 Her Majesty the Queen

Tja, waar moet de door Olivia gewenste oriëntatie beginnen? Voor de zekerheid heeft docent Bomhof voor haar alvast het een en ander opgezocht en een stapeltje documenten geprint.

 

Om te beginnen legt hij een fragment op tafel uit de kersttoespraak in 2006 van Elizabeth, Her Majesty The Queen. Van haar vier opmerkingen hangen de laatste twee volgens de docent direct samen met de Engelse kijk op RE. Omdat hij het fragment heel verhelderend vindt en ook voor andere gelegenheden wil gebruiken, heeft hij het vertaald. Hieronder de tekst.

 

 

Queen ElizabethII Christmas Message.jpg

 

 

 (1) “ Als kinderen opgroeien en hun eigen gevoel van zelfvertrouwen en onafhankelijkheid ontwikkelen, doet zich het gevaar voor dat er een blijvende kloof ontstaat tussen de wereld van jongeren en ouderen. Zeker nu de leefomgeving van jongeren sterk wordt bepaald door technologische veranderingen kunnen de generaties door onkunde of onbegrip uit elkaar groeien.”

 

(2) “Het is van belang om ons te realiseren dat al onze geloofsgemeenschappen er op uit zijn om die kloof te overbruggen. Die intentie is terug te vinden in de wijsheidsbronnen van de grote religies.

Daarin wordt gewezen op de noodzaak om jongeren op te voeden en te begeleiden en tevens wordt op de noodzaak gewezen om hen te stimuleren om respect aan ouderen te betonen.”

 

(3) “Christus zelf zei tegen zijn discipelen: Laat de kinderen bij me komen. En Paulus herinnerde de ouders er aan om vriendelijk met hun kinderen om te gaan. Paulus riep de kinderen op om hun ouders te waarderen. In de geschriften en tradities van de andere religies is dezelfde fundamentele begeleiding verankerd.”

 

(4) “Het is heel gemakkelijk te de focus te leggen op de verschillen tussen de religies en te vergeten wat ze met elkaar gemeen hebben. Mensen van verschillende religies zijn met elkaar verbonden door de noodzaak om de jongere generatie helpen om zorgzame en actieve burgers te worden."

 

2.2 Sociale cohesie?

Olivia laat de laatste twee opmerkingen van Queen Elizabeth even tot zich door dringen. Dan merkt zij heel scherpzinnig op dat de toespraak van Elizabeth toch wel ‘verdraaid politiek’ is. ‘Als ik het goed begrijp wordt het godsdienstonderwijs in Engeland doodgewoon gebruikt om de leerlingen om te vormen tot keurige nette aangepaste Engelse staatsburgers. Hoe heet dat ook al weer? Sociale cohesie, of zo? Volgens mij is het verhaal van Elizabeth toch wel heel eng en heel oneigenlijk! Zou het eigenlijk niet veel meer moeten gaan om de leerlingen zelf? En hun godsdienstige ontwikkeling?

Meneer Bomhof, wat vindt u daar eigenlijk van? Past dat wel bij uw ideeën over goed godsdienstonderwijs?’

De docent vindt dat een zeer boeiende kwestie, maar het lijkt hem verstandig om Olivia nog even in het ongewisse te laten over zijn ideeën. Hij reageert met de opmerking: ‘Daar wil ik heel graag met je over praten wanneer jouw werkstuk over RE klaar is.’

 

 

2.3 Intermezzo: de Nederlandse situatie

 

Inhoud

De twee bovenstaande paragrafen en de kadertekst over de Engelse situatie Nederland - Statistische gegevens.jpgroepen vragen op over de manier waarop men in Nederland aankijkt tegen de inhoud van het protestantse godsdienstonderwijs en de katholieke schoolcatechese. De Engelse tendens van de laatste jaren, waarbij Religious Education heel direct dienstbaar wordt gemaakt aan de sociaal - maatschappelijke doelstellingen van burgerschap en sociale cohesie, maakt ons nieuwsgierig naar de (komende) ontwikkelingen in Nederland. Gelet op het gegeven dat veel Nederlandse godsdienstpedagogen gecharmeerd zijn van Engelse benaderingen, is de mogelijkheid bepaald niet uitgesloten dat het Nederlandse godsdienstonderwijs, c.q. de Nederlandse schoolcatechese in de komende jaren een ingrijpende transformatie van doelstellingen en inhoud zal ondergaan, die nog verder gaat dan het beperkte monoperspectief van de ´hermeneutiek van het bestaan´, zoals getypeerd op blz. 87 van ´Verwonderen & Ontdekken´. In de huidige mainstream van de actuele Engelse godsdienstpedagogiek blijft de inhoudelijke focus hooguit beperkt tot de uitwisseling van diverse spirituele ervaringen. De elementaire omgang met Heilige Boeken, zoals bijvoorbeeld: de TeNaCH, het Nieuwe Testament, de Koran en de Veda’s, is in de Engelse godsdienstpedagogiek in feite een ondergeschikt item, - of zelfs geen enkel ‘point of interest’. Resumerend: de bepaling van de inhoud van de godsdienstige, religieuze en spirituele vorming in het Nederlandse basisonderwijs is vooralsnog een urgent vraagstuk. Na deze vooropmerkingen geven we een beknopte schets van data, ontleend aan het CBS.

 

Onderzoek CBS

Nederland telt 16. 485.787 inwoners (2009). Ruim de helft van de Nederlandse volwassenen rekent zich tot een kerkelijke gezindte of een levensbeschouwelijke groepering. Eén op de vijf gaat regelmatig naar een godsdienstige of religieuze bijeenkomst. Deze gegevens zijn afkomstig van het Centraal Bureau voor de Statistiek. Dat onderzoekt permanent tot welke kerkelijke gezindte of levensbeschouwelijke groepering Nederlanders zichzelf rekenen (zie voetnoot).

 

Denominaties

Van de Nederlandse bevolking van 18 jaar en ouder is 58 %kerkelijk. De helft daarvan is katholiek. Verder rekent 9 procent zichzelf tot de Nederlandse Hervormde Kerk, is 4 % gereformeerd en geeft 6 % aan tot de Protestantse Kerk in Nederland (PKN) te behoren.

Van de totale bevolking is 5 % islamiet. Dat komt neer op 825.000 mensen. Zo’n 95 % van hen is van niet-westerse afkomst. De Marokkanen vormen met 296.000 islamieten de grootste groep, op de voet gevolgd door de Turken met 285.000 islamieten.

 

Terugloop

Het bezoek aan kerken, moskeeën en religieuze bijeenkomsten is de afgelopen jaren fors afgenomen. Opvallend is dat de daling het grootst is onder islamieten. Van 2004 tot en met 2008 ging gemiddeld 35 % van de islamieten minstens een keer per maand naar de moskee, tegenover 47 procent in 1998 en 1999. Ook onder katholieken nam het kerkbezoek aanzienlijk af. Van 2004 tot en met 2008 bezocht gemiddeld 23 % minstens eens per maand een kerkdienst, tegenover 31 % in 1998 en 1999. Onder protestanten liep de kerkgang nauwelijks terug.

 

Betrokkenheid

Uit de gegevens van het CBS blijkt dat er een positieve relatie bestaat tussen kerkgang en actieve betrokkenheid bij de samenleving. De meeste informele hulpverleners behoren tot de groep die zeer regelmatig – twee tot drie keer per maand – naar de kerk gaat. De meeste vrijwilligers gaan zelfs elke week.

 

 

Voetnoot
In het Permanent Onderzoek Leefsituatie (POLS) van het CBS wordt gevraagd tot welke kerkelijke gezindte of levensbeschouwelijke groepering men zichzelf rekent. De antwoordmogelijkheden zijn:
> Geen kerkelijke gezindte. > Rooms-katholiek. > Nederlands Hervormd. > Gereformeerd. > Protestantse Kerk in Nederland. > Islam. > Anders. De Protestantse Kerk in Nederland (PKN) is op 1 mei 2004 ontstaan uit een fusie van de Nederlands Hervormde Kerk, de Gereformeerde Kerken en de Evangelisch-Lutherse Kerk. Omdat de meeste leden van de oorspronkelijke protestantse gezindten zich niet met de PKN identificeren, zijn naast de PKN ook de Nederlands Hervormden en Gereformeerden als aparte categorieën gehandhaafd.

 

 

 

 

 

 

Pagina 2 van 6

Lees verder >>>

 

 

Naar de Hyperindex >>>

 

Engeland

United Kingdom - Statistische  gegevens.jpg

 

Focus on Citizenship

Dat de focus van de kersttoespraak van Queen Elizabeth (2006) vooral bij burgerschap ligt, is niet zo verwonderlijk. De Engelse curricula voor religious education zijn namelijk gebaseerd op ‘The Non-statutory National Framework for Religious Education’ (2004). Dit Framework is het resultaat van op een politieke consensus tussen tal van belanghebbende godsdienstige, religieuze en spirituele instanties. Het gevolg is dat inhoudelijke theologische verwijzingen ten enen male ontbreken. Inhoudelijk wordt nog wel vastgehouden aan de voorwaarde dat ‘an agreed syllabus must reflect the fact that the religious traditions in Great Britain are in the main Christian ( The Education Act 1996). Maar verder ontbreken inhoudelijke ankerpunten.

Kenmerkend is dan ook het statement in het voorwoord van de officials: Charles Clarke, Secretary of State for Education and Skills, en Ken Boston Chief Executive van de Qualifications and Curriculum Authority: “This is the first non-statutory national framework for religious education in England. It will bring together the ways in which all pupils are helped to develop a full understanding of their roles and responsibilities as citizens in a modern democracy. It will play an important role alongside other aspects of the curriculum and school life, in helping pupils to engage with challenging spiritual, moral and social questions that arise in their lives and in society.”

 

Buiten de kerkmuren

Engeland is formeel een christelijke natie. In de vier coupletten van het Engelse volkslied ‘God save our gracious Queen…’, komt negen keer de naam van God voor. En het staatshoofd is ook het hoofd van de Anglicaanse kerk. De statistieken wijzen anderzijds uit dat ongeveer 66% van de volwassenen in Brittannië geen binding heeft met een christelijke denominatie en evenmin met een andere religie. Daar staat tegenover dat er over de laatste decennia - opmerkelijk genoeg - een stijging wordt gesignaleerd ten aanzien van religiositeit en (seculiere) spiritualiteit buiten de kerkmuren. Simon Barrow, de secretaris van de ‘British and Irish Churches' Commission on Mission’, noemde in 2002 al een percentage van 60%.

 

Data

In het volgende overzicht zijn ter oriëntatie een recente cijfers genoteerd over religies in en de kerkgang in Engeland & Wales.

 

England statics.jpg