homecontactkennisbankinloggensitemapzoeken  
vorige pagina pagina afdrukken
nzv uitgevers

Domeinspecifieke ontwikkelingspsychologie

...

Nieuwe optiek

De opmerkelijke publicatie ‘Entwicklungspsychologie in der Religionspädagogik' bevat een overzichtelijke beschrijving van ontwikkelingspsychologische verkenningen en opvattingen van de godsdienstpedagogen prof. Gerhard Büttner en prof. Veit-Jakobus Dieterich. Zij hebben zich respectievelijk gespecialiseerd in kindertheologie en jongerentheologie. De auteurs delen de opvatting dat kinderen en jongeren op een geheel eigen wijze aan het begin staan van een levenslang leerproces. Net zoals dat bij andere fasen in de levensloop het geval is, kunnen ook kinderen en jongeren uit eigener beweging in het godsdienstige domein tot betekenisvolle theologische inzichten komen. In hun publicatie gaan Büttner en Dieterich met name uit van Angelsaksische studies die aangeven dat kinderen in staat zijn om vanaf jonge leeftijd veel meer gedifferentieerde zienswijzen en inzichten te ontwikkelen, dan volgens optiek van Piaget mogelijk zou zijn. Alleen al om die reden is de innovatieve publicatie van prof. Gerhard Büttner en prof. Veit-Jakobus een regelrechte must voor godsdienstpedagogen en lerarenopleiders levensbeschouwing / godsdienstonderwijs.

Piaget

Ter informatie: de cognitieve ontwikkelingstheorie van Piaget heeft zo'n vijftig jaar geleden in de wereld van de godsdienstpedagogiek een ingrijpend vervolg LL - Denkschemas.jpggekregen. Zo paste de Engelse godsdienstpsycholoog Ronald Goldman in zijn ‘Religious Thinking from Childhood to Adolescence' de inzichten van Piaget toe op de omgang met een drietal verhalen uit de Bijbel. Hij kwam tot de conclusie dat de betreffende verhalen voor kinderen onder de leeftijd van 12 jaar niet begrijpelijk zijn.
Die stelling is eenvoudig maar de interpretatie van zijn empirische data bleek in tweede instantie ingewikkelder dan zijn conclusie toeliet. Achteraf kwam het onderzoek van Goldman dan ook onder zware kritiek te staan. Dat neemt niet weg dat het effect van zijn bevindingen tot op de dag van vandaag nog waarneembaar is in het Engelse godsdienstonderwijs. De omgang met verhalen uit de Bijbel is sterk gereduceerd. Of beter gezegd: gemarginaliseerd.

Vygotsky

In de vakdidactiek Verwonderen & Ontdekken volgen we overigens niet het gedachtegoed van Piaget, maar het Vygotskiaanse perspectief van ontwikkelingsgericht onderwijs. Volgens het concept van het ontwikkelingsgericht onderwijs ontwikkelen leerlingen zichzelf primair door de interacties die ze aangaan met anderen (volwassenen en kinderen) die deelnemen aan de sociaal-culturele leeromgeving. Volwassenen spelen een nadrukkelijke rol bij de begeleiding van de ontwikkeling van leerlingen. De kwaliteit van de interactie is bepalend voor de aard en het tempo van hun ontwikkeling. Leerlingen dienen ‘culturele werktuigen' te verwerven waarmee zij steeds beter in staat zijn om op een geletterde wijze deel te nemen aan culturele activiteiten. Er is in dat verband geen enkel valide educatief argument te bedenken om een uitzondering te maken voor het expliciete levensbeschouwelijke domein van de godsdiensten.
Vanuit het educatieve perspectief van Vygotsky worden in de vakdidactiek Verwonderen & Ontdekken hoge verwachtingen gekoesterd ten aanzien van de ontwikkelingsmogelijkheden van leerlingen. De achterhaalde vraag naar ‘wat zij niet kunnen', is definitief ingeruild voor de uitdagende vraag: ‘Met welke interacties en vormen van begeleiding kan ik als onderwijsgevende bijdragen aan de bevordering van de gewenste ontwikkeling, oftewel: de levensbeschouwelijke en godsdienstige vorming en geletterdheid van mijn leerlingen.'

Kanttekening

Tenslotte nog een kanttekening. De zienswijze van Piaget op de denkontwikkeling en de mentale processen en schema's van kinderen (zie V&O, blz. 64 - 71) blijft, - onder het voorbehoud van restricties, in het levensbeschouwelijke en godsdienstige domein een eyeopener.
Prof. Gerhard Buettner.jpgIn mijn aantekeningen van de Kindertheologische Conferentie in Loccum (2006) vond ik een onlangs enkele opmerkingen van prof. Gerhard Büttner terug over denkschema's. In mijn eigen woorden: ‘Kinderen zoeken telkens naar een voor hen afdoende verklaring. Zij leggen op hun eigen manier (voor volwassenen soms onsamenhangende) relaties tussen diverse kennisaspecten die hen bezighouden. Zij willen nu eenmaal tot een sluitende verklaring en een voor hen kloppend en acceptabel denkschema komen.

Het inzicht in de manier waarop leerlingen via mentale schema's hun denkprocessen organiseren om greep te krijgen op hun werkelijkheid, vraagt volgens mijn aantekeningen uit 2006 van de kant van hun onderwijsgevenden om een drietal vaardigheden.

  • Het op een empathische wijze luisteren naar de manier waarop leerlingen hun inzichten ter sprake brengen.
  • De nadrukkelijke aandacht voor de vraag welke bestaande denkschema's leerlingen hanteren.
  • En last but not least: een analyse van de geheel eigen wijzen waarop leerlingen nieuwe kennis integreren.

Resumerend: wanneer onderwijsgevenden zich inspannen om hun leerlingen vanuit deze optiek waar te nemen, levert dat in de eerste plaats zinvolle noties op van hetgeen leerlingen werkelijk bezig houdt. En in de tweede plaats een bezinning ten aanzien van hetgeen kan bijdragen aan hun denkontwikkeling (Vgl.: V&O, blz. 50 - 53).

De vaardigheden die prof. Büttner in 2006 aan de orde stelde, zijn in ‘Entwicklungspsychologie in der Religionspädagogik' van een domeinspecifiek referentiekader voorzien en vervolgens aan de hand van zes thema's geconcretiseerd. We komen binnen kort nog op deze publicatie terug. [jgv]

 

Literatuur

  • Barnes, L. P. & Kay, W.K. (2002) Religious Education in England and Wales: Innovations and Reflections. A critical review of recent developments in British RE. Leicester.
  • Büttner, G. & Dieterich, V.-J. (2013) Entwicklungspsychologie in der Religionspädagogik. Göttingen.
  • Goldman, R. (1964) Religious Thinking from Childhood to Adolescence. London.

 

>>> Terug